Uitslag verkiezing Tweede Kamer (29/10/25)
In verband met de uitslag van de recente Tweede Kamer-verkiezingen hoor ik in mijn omgeving de vraag hoe het komt dat Jetten het heeft gewonnen van Bontenbal. Beiden zijn het keurige verschijningen, vindt men, maar Jetten heeft niet zo’n duidelijke en dieper gravende achtergrond en Bontenbal wel en deze heeft voor zijn kortzichtigheid inzake het bijzonder onderwijs zijn excuses aangeboden. Ikzelf ben vroeger een verdediger geweest van het confessionele onderwijs omdat ik vond dat je geestelijke verdieping voorlopig niet aan de neutrale openbare school kon overlaten. Intussen is mijn vorige eeuwse standpunt meegegroeid met de algemene secularisering en met mijn toegenomen ervaring dat de verzuilingsbenauwdheid haar tijd heeft gehad. Men is ‘oecumenischer’ gaan denken op de nu wat levensbeschouwing betreft wat meer geïnteresseerde openbare school en ook in de politiek doorbreekt men steeds meer de vroegere verzuiling. Volgens mij zou het CDA zijn naam kunnen aanpassen: Centraal Democratisch Appèl. Een gemakkelijke (en verantwoorde?) aanpassing aan onze moderne samenleving en een doorbreking van de geestelijke eenzijdigheid.
Joods?
Bij gelegenheid van het 750-jarig bestaansjubileum van Amsterdam publiceerde een van de dagbladen een lijstje van de Joodse woorden die zijn opgenomen in de volkse stadstaal van onze hoofdstad. Ik geef er u hier enkele van door, dan kunt u zelf kijken of de betekenis ervan bij u bovenkomt. Ze moeten uiteraard soms op z’n mokums uitgesproken worden, waarbij vooral de ij-klank een eigen plat accent meekrijgt. Loe Lap (dumpkleding) – Kalsbeke (fijne tafelzuren) – mazzel tov (geluk gewenst) – Mokum A (Mokum J is Jerusalem) – kloffie / gekloft (netjes of juist slordig gekleed) – matte (wou je …: vechten) – zure bom (augurk) – drijfsijs (eend, drijvend vogeltje) – gabber (vriend) – goochemerd (slimmerik) – bajes (petoet) – gein (pret) – smoes (gefantaseerd excuus) – kapsones (verbeelding) – hagada (liedboek of vertelsel) – mesjogge (niet goed wijs) – mezoeza (deurpostkokertje met Thoratekstje).
Maquette
Vorige week overkwam ons als bewoners van de voormalige pastorie van de voormalige Engelbewaardersparochie een waardevolle verrassing. Een van de oudere parochianen vertelde dat hij binnenkort naar een verzorgingshuis zou gaan verhuizen en dat hij daardoor nu met een probleem zat. Toen de Engelbewaarderskerk werd omgevormd tot een uitvaartcentrum, was er vooraf een prachtige maquette gemaakt van het gebouw en van de geplande toekomstige inrichting ervan. Dan kon men alvast zien wat er van zou komen. Toen de inwendige verbouwing voltooid was (1991), werd de maquette beschikbaar gesteld aan de trouwe assistent-organist die er in zijn huis op de bovenslaapkamer wel een plaatsje voor had. Jarenlang heeft het gevaarte daar gestaan, nu kon het niet mee naar de nieuwe woonbestemming. De vraag was of ik er als oud-pastoor een geschikte plaats voor wist. Na wat heen en weer gepraat lukte het ons er in onze overdekte tuinruimte een plekje voor te vinden. Daar staat ze nu, opgeknapt, te pronken als een verwijzing naar onze vroegere gebedsruimte waar veel Hoorn-Noorders dierbare herinneringen aan hebben. Het gebouw zelf staat op de monumentenlijst van de gemeente Hoorn. De architectuur ervan is ontleend aan de -indertijd moderne en originele- Franse architect Le Corbusier.
Allerzielen
Deze keer viel Allerzielendag (2 november) op zondag. Rond en in veel kerken worden er tegenwoordig spontaan opgekomen rituelen en liturgische vormen ‘gevierd’ waarin recent overledenen met naam en toenaam worden genoemd en herdacht. Ik was zelf aanwezig in mijn vroegere parochiekerk en op het bijbehorende kerkhof bij de graven van mijn ouders en familieleden en ook bij mijn eigen toekomstige graf dat mijn peettante voor haarzelf en voor mij heeft laten inrichten. Zelf is ze daar al in 1991 begraven, ik wacht nog even. De opkomst van de ‘nabestaanden’ was die zondagavond ondanks de regen heel groot, de gezangen, gebeden en lichtjesceremonie soms ontroerend en troostend.
Hoevinudie?
Het mannenkoor zong die allerzielenavond het prachtige ‘Ecce quomodo moritur justus’ van Gallus (=Jakob Hand 1550-1591) heel mooi. De droevige maar hoopvolle tekst is van Jesaja hst. 57, 1-2.